Wat is nieuw aan vernieuwend onderwijs?

Het grootste verschil met het reguliere onderwijs is onze kindgerichtheid van het onderwijs. We gaan uit van het individuele kind en zijn/haar leerbehoefte. We gaan niet uit van een vaststaande methode die elke kind op dezelfde manier en op hetzelfde moment moet leren en beheersen. Van daar uit hebben we de keuze gemaakt om de groepen in te delen in drie klassen; een jonge, midden en oudste groep. Kinderen hebben zo de tijd en ruimte om zich te kunnen ontwikkelen. De mix van leeftijden zorgt tevens voor uitdaging en stelt kinderen in staat elkaar te helpen en elkaar als voorbeeld te zien.

Middels onderzoekend en planmatig werken gaan we uit van de nieuwsgierigheid van een kind. Een leerproces en de ontwikkeling van een kind verloopt zelden lineair. Elk kind is uniek en heeft een eigen leertempo en leerritme. We sluiten zoveel mogelijk aan bij de individuele leerontwikkeling van het kind. Elk leerproces kent een afgerond traject waar we kinderen bewust van proberen te maken.
Dit traject kent de volgende stappen

Waarnemen
Waar kijk ik naar?
Begrijpen
Wat zie ik; wat lees ik en wat staat er? Wat wordt er bedoeld? Wat is de bedoeling, het doel?
Plannen (dagplanning of leerplanning)
Wanneer ga ik wat doen? Wat is mijn start? Wat is mijn niveau? Wat is mijn einde van de dag/tijdstip?
Uitvoeren
Het daadwerkelijk doen, uitvoeren van opdrachten/taken
Evalueren
Wat heb ik gedaan? Wat heb ik geleerd? Wat heeft het mij opgeleverd? Waar ben ik tegenaan gelopen?

De rol van het kind is hierin belangrijk. Hij/zij is degene die eigenaar is van zijn onderwijs. De taak van de leerkracht is hierin om waar te nemen en te begrijpen waar de zone van naaste ontwikkeling zit en onderwijsbehoeftes hierop af te stemmen. Dit is een cyclisch proces.

Lezen, rekenen en schrijven vormen het gereedschap van het onderwijs; dit zijn de basisvaardigheden die alle kinderen aangereikt krijgen. Deze vaardigheden ontwikkelen zich in eigen tempo en ritme en leert een kind op een manier die bij hem/haar past.

Naast het gereedschap (de cognitieve vaardigheden) besteden we veel aandacht aan reflecteren op ons onderwijs, het leerproces en de eigen ontwikkeling. Een aantal momenten op de dag neemt het kind het eigen leerproces onder de loep om zo te kijken naar wat hij/zij heeft gedaan, hoe het ging en wat hij/zij verder wil doen.

Naast aandacht voor het gereedschap, hebben wij momenten ‘Wereld Bouwen’; onderwijs waarin wereld georiënteerde vakken een onderdeel zijn, maar vaak ook de combinatie gemaakt wordt met het verder ‘gereedschap slijpen’. Bij Wereld Bouwen gaat het kind op onderzoek uit. Kinderen leren hier eigen ondernemerschap, ze krijgen de mogelijkheid hun eigen onderneming te starten; wat wil ik hierin opstarten/maken/ontwerpen en wat heb ik daarvoor nodig? Wij geloven in de ondernemersdrift van kinderen; elk kind wil leren, maken, creëren. En dat kan bij het onderdeel Wereld Bouwen. Elke kind krijgt een stappenplan, instructies en begeleiding en ook hierin worden steeds opnieuw doelen bepaald door het kind.